Ook in arme steden zijn mensen beter af

Ralf Bodelier, Financieele Dagblad, 30 november 2019

Demonstraties in Algiers, Beiroet en Teheran, protest in Hongkong, Santiago en La Paz, oproer in Monrovia, Bogota en Lima. Protest golft door de miljoenensteden. Een leger aan commentatoren probeert het rumoer te duiden. Eén verklaring is steevast van de partij: de betonnen jungle maakt mensen arm, radeloos en wanhopig.

Ooit was dat inderdaad zo. In de stedelijke sloppen van het 19de-eeuwse Europa was het ­leven ronduit dramatisch. Op het Engelse platteland was de levensverwachting 45 jaar. In de industriestad Manchester kwam deze niet hoger dan 25 jaar.

Maar zo is het allang niet meer. In Aziatische, Zuid-Amerikaanse en Afrikaanse steden is de kindersterfte veelal lager dan op het platteland. Tientallen miljoenen kinderen blijven in leven doordat hun moeders besloten in de stad te gaan wonen. En dan krijgen deze stadsmoeders ook nog eens minder kinderen dan plattelandsmoeders. Stadsvrouwen in Ethiopië baren gemiddeld 2,6 kinderen terwijl Ethiopische plattelandsvrouwen er 5,5 ter wereld brengen.

Kinderen die opgroeien in slums gaan veel vaker naar school. Verstedelijking dempt de bevolkingsgroei en stimuleert het onderwijs. Doorgaans zijn slumbewoners minder arm dan dorpsbewoners.

In de Braziliaanse favela’s lijdt 5% extreme armoede, terwijl dat 25% is van de bevolking op het Braziliaanse platteland. Het percentage extreem armen in de slums van Lagos is ongeveer de helft van het percentage in de Nigeriaanse dorpen. De slums van het Indiase Kolkata worden gezien als ellendig. Maar het percentage extreem armen in Kolkata is er 11, terwijl de extreme armoede op het omliggende platteland van West-Bengalen rond de 24% hangt.

Verstedelijking blijkt, kortom, een van de belangrijkste krachten achter de afname van armoede, kindersterfte en ongeletterdheid. Het is beter in een stad te wonen, zelfs al is het in een krottenwijk. Slums maken mensen niet arm of armer. Arme mensen trekken van het platteland naar de stad, omdat ze arm zijn. In de steden verwachten ze dat ze erop vooruitgaan. En wanneer dat niet snel genoeg lukt, trekken ze in protest de straten op. Maar ook al is het leven in de stad beter, goed is het voor velen nog lang niet.